NAT EN PLAKKERIG

10-8-2012 13:20

Door Stefan van Hoek

Als het groene lampje naast de voordeur niet brandt, kan ik niet zien of de digibitch wel of niet thuis is, maar ik begrijp niet dat die oude grijze gevel er nu weer staat en dat die van achteren geschraagd wordt door houten palen, de verbouwing van Boymans van Beuningen is immers al lang geleden voltooid, maar ook het beeld van Sylvette is weg, (Picasso heeft het gemaakt, brult iedereen elkaar na, het zou echter ook goed kunnen dat het Carl Nesjar was, maar Picasso is nu eenmaal bekender, vandaar dat ongeveer alles in de stad ‘Erasmus’ heet, terwijl het niet eens zeker is dat die vrijer hier heeft gewoond, merkwaardig dat maar weinig jongetjes bij geboorte ‘Erasmus’ worden genoemd, ‘Ali’ komt veel vaker voor en ik weet niet hoeveel meisjes op het stadhuis jaarlijks met de voornaam ‘Sylvette’ worden ingeschreven ) dat beeld hebben ze indertijd nog met speciaal transport voor het Parkhotel langs laten vervoeren, omdat het rechtop op de aanhanger achter de truck stond, moest de RET toen eerst de stroom van de trambekabeling halen, maar óók nog alle bedrading opzij hangen, want anders had Sylvette op de middenbaan van de Westblaak moeten blijven staan, pal tegenover het zebrapad waar nu dat rare ijscomonument staat, de digibitch houdt wel van een ijsje op zijn tijd, als het maar yoghurtijs is, ik zie haar wandelen met haar hond, voor de Arminiuskerk langs, ze schopt de blauwe bal in het water en haar hond zinkt niet als hij er achter aan gaat en komt terug met de bal, die hij met een beleefde buiging aan haar retourneert, als was hij een zwaar mediageniek aangezette ober uit de tijd van de films met goede zeden, de kleur van de bal heeft ze uitgezocht op de kleur van de klokkenpanelen op de kerktoren, dezelfde teint blauw, maar de wijzers hebben ze van de klok gehaald, fatsoenlijk de juiste tijd aangeven deden ze toch al tijden niet meer, ik wilde dat de digibitch bij me zou aanbellen en zich voor zou stellen als Erato, waarop we naar Het Park zouden gaan en zij erop zou staan dat ik haar daar duidelijk maar niet luidkeels liefdesgedichten zou voordragen op de Dag van de Romantische muziek, waar de strooien hoeden en de wit flanellen gewaden tot net boven de enkels weer niet bepaald van de lucht zouden zijn en de meisjes van Pussy Riot met hun strooien bivakmutsen schreeuwen dat de Russisch orthodoxe kerk bij ‘t Landje gesloten moet worden, alle mensen klappen beleefd, net als de hond van de digibitch, voor mij een reden een aanloop te nemen en naar de hangende takken van de treurwilg te springen en ik zwier boven de watergang in Het Park, maar één keer maar, dan breken de lianen en val ik in het water, waarin ik gewoon kan staan nadat ik er eerst een veel te grote slok van binnen heb gekregen - het is me daar geen ijsthee met limoen, munt en een stevige sloot wodka - dus steek ik mijn vinger in mijn keel en nog eens, waarna ik vermoedelijk wel voldoende leeg ben gekotst om niet de ziekte van Weil, honds- of vleermuisdolheid en botulisme te krijgen, toch speelt de hond nog steeds met de blauwe bal alsof het een teletekstbericht is, waarvan je niet weet of je nou eerst de beurskoersen of toch de weersvoorspelling moet checken, “dus bekijk je eerst de uitslagen van de balsporten, want dat vindt mijn hond leuk”, zegt de digibitch, maar dat betekent dan dat de korfbaluitslagen ver voor die van het voetbal komen, kijk maar naar de plaats van de ‘k’ en de ‘v’ in het alfabet en dat wil ik niet sinds die vorige eindredacteur de grap over het tegen de tietjes van de korfbalmeisjes oplopen als een eigen vondst presenteerde en er veel te schalks bij lachte, ze wil dat ik nog een keer naar de lianen spring en beweert dat het takken munt zijn, die we straks met veel ijsblokjes en schijfjes limoen in de groene ijsthee kunnen doen, aangezien munt niet vochtafdrijvend is, blijft die watergang zo vol staan dat de kleine golfjes telkens over het laagste deel van het gras klotsen, de reden dat ik mijn handdoek er wat verder vandaan uitspreid en erop ga liggen, de digibitch probeert me er met haar kont vanaf te duwen en vertelt het verhaal over het nooit geplaatste beeld ‘Nana’ van Niki de Saint Phalle, dat Rotterdam wilde aanschaffen en dat bijna vanzelfsprekend het grootste ooit door de kunstenares vervaardigde sculptuur moest worden, totdat ze zelfs niet eens meer poppodia en de driedimensionale bioscoop waar het beeld tegenaan had moeten komen in stand konden houden, ik vraag mij af hoe de digibitch dit allemaal weet, want ze komt hier helemaal niet vandaan, maar ze is natuurlijk zo mediamiek gelijkgeschakeld als ieder ter wereld met een internetaansluiting en weet ook dat het haasje verderop in Het Park niet gevangen zal worden, bij gebrek aan levende koe, ik mag niet naar de afkomst van haar geld vragen, vertelt ze me als ze de lendenstukken met een borsteltje van olie voorziet alvorens ze op de barbecue te leggen, waarna ze op me komt zitten en mijn armen achter mijn hoofd houdt en lacht alsof het haar geen zier interesseert dat iemand zou weten hoe zij haar fortuin heeft vergaard, ik vind dat ze een standbeeld heeft verdiend, maar besef tegelijkertijd dat de wereld geen totem van haar nodig heeft als ze zo bovenop me zit en we tegelijkertijd samen van hetzelfde lendenstuk eten, terwijl de moedervogel in de grote boom naast de treurwilg denkt dat de digibitch mij voert zoals zíj haar jongen wormen opdient en ik kijk in haar ogen en ik voel haar nu stevig tegen me aan drukken en…

…mijn buik is nat en plakkerig. Dit is me sinds mijn veertiende niet meer overkomen.

Rubriek Hoekig

Stefan van Hoek

Hij werd geboren en groeide op in de hoofdstad van de provincie Zeeland. Na het afronden van zijn atheneum-opleiding verhuisde hij naar Rotterdam om verder te schaven aan zijn mens...

Bekijk profiel