Wie ligt er wakker van armoede dichtbij huis?

18-10-2016 12:00

Door Hans van Willigenburg

Groot interview met initiatiefnemers van de 'armoede'-glossy Quiet 500

Gisteren werd in Tilburg de ‘Quiet500’ gelanceerd, de glossy die het spiegelbeeld vormt van de ‘Quote500’. Na het succesrijke nummer uit 2013 vestigt het opnieuw de aandacht op het fenomeen armoede in Nederland. Uitstekende aanleiding om met oprichters Ralf Embrechts en schrijver Anton Dautzenberg te gaan praten over hún beweegredenen dit initiatief te ontplooien en hún visie op armoede in Nederland. Zeker nu zelfs een sociaal-liberale middenpartij als D66 erkent dat ‘de groeiende kloof tussen arm en rijk’ na de verkiezingen in 2017 prioriteit nummer één hoort te zijn. Óp, dus, naar Tilburg! (En… ehhhh… waarom heeft Rotterdam niet zo’n initiatief?) 

Om te beginnen, hoe ernstig dan wel verwaarloosbaar is armoede in Nederland volgens jullie nou écht?

Dautzenberg

Internationaal gezien zijn we het vijfde, rijkste land ter wereld. We leven, vanuit internationaal perspectief, dus in een extreem welvarend land. Maar mensen leven niet in een internationale context. Zeker arme mensen niet. Die leven in een heel klein cirkeltje. Sinds ik actief ben in de Quiet-community – uit het blad is inmiddels een gemeenschap van vrijwilligers gegroeid – en ik op inloopspreekuren aanwezig ben, heb ik pas enig zicht op wat armoede in Nederland daadwérkelijk is.

En wat ís het dan, dat je op die inloopspreekuren ziet?

Dautzenberg

Mensen die volkomen klem zitten. Opgesloten zijn in een situatie, waar ze letterlijk geen kant meer uit kunnen. Ze zijn blij als ze zonder grote ongelukken een dag doorkomen en ’s avonds nog voldoende rust in hun gat hebben om in slaap te vallen. Eén extra rekening of belastingenveloppe kan acute paniek veroorzaken. Als je zó moet leven, wat zegt zo’n internationale statistiek je dan? Dat zegt je helemaal niks… Als wij dergelijke mensen namens de Quiet-community een etentje buiten de deur aanbieden, is dat voor hen in één klap hét hoogtepunt van het jaar. Dat geeft, volgens mij, wel aan hoe hun bestaan eruit ziet.  

Embrechts

Het meest ernstige is dat er weinig of geen enkel perspectief voor deze mensen meer is. Dat je weinig geld hebt, daar is voor een bepaalde tijd nog best mee te leven. Het wordt pas ondraaglijk als je weet dat die situatie blijvend is. Dat een bepaalde mate van zelfrespect voorgoed van je is afgenomen. Ik zeg vaak: onze armen ‘sudderen’. En wat ik de overheid daarbij kwalijk neem, is dat ze juist dat ‘sudderen’, dat gebrek aan perspectief, actief in de hand werken. Door zo’n flexwet word je een minimale vorm van zekerheid onthouden. Ik zie de voorbeelden om me heen. Laatst nog: een jongen van 23 die pizza’s rondbrengt en daar, hoe bescheiden ook, een inkomen en een zeker plezier uit peurt. Wat gebeurt er na twee jaar? Hij moet eruit. Want een jongen van 16 is goedkoper. Die flexwet is een uiterst destructieve ‘killer’. Zelfs het goede doelen-restaurant hier in Tilburg ontkomt niet aan de terreur van die flexwet. Onlangs hebben ze 15 kwetsbare  jongeren eruit moeten gooien. Tegen hun eigen principes in.     

Terugkomend op de vraag. Jullie zeggen: armoede in Nederland is niet ernstig, maar heel ernstig?

Embrechts

Zeker. De kloof tussen mensen die wél en niet mee kunnen doen is groeiende. Het beste, statistische bewijs is dat hoger opgeleiden inmiddels zeven jaar langer leven dan lager opgeleiden. Als we niks doen, wordt dat verschil algauw acht, negen, tien jaar.

Dautzenberg

Grofweg één op de zes kinderen in Nederland groeit op in een achterstandssituatie. En uit de cijfers blijkt, dat je dat in je latere leven moeilijk meer inhaalt. Gezien onze extreme welvaart lijkt me dat dit soort statistieken een schandvlek behoren te zijn.

Embrechts

Bovendien… Staar je niet blind op de mensen die zich helemáál onderaan de ladder bevinden, maar kijk ook naar degenen die één sport hoger staan:  veel van de ZZP-ers, bijvoorbeeld. Hoeveel stille armoede vind je daar niet? Ook die groep groeit.

Waar is het misgegaan tussen mensen die zeggen op te komen voor arme mensen – zeg maar politici ter linkerzijde, de 'Gutmenschen' – en het ontstaan van de schrijnende situatie, zoals jullie die schetsen? 

Dautzenberg

De PvdA heeft gekozen voor regeren met de VVD. En heeft daarbij flinke veren moeten laten. Dat is niet dé verklaring, maar wel één van de bepalende factoren bij hoe ver we nu gezakt zijn.

Nu de PvdA tóch is genoemd: zou je bij hen niet verwachten dat ze wakker liggen als ze jullie beeld van de tweedeling tot zich door laten dringen? Mijn indruk is: ze liggen helemaal niet wakker.

Embrechts

Klopt. Volgens mij liggen ze inderdaad niet wakker. Ze verzinnen steeds weer nieuwe regelingen en lapmiddeltjes om de schrijnendste uitwassen van armoede te maskeren. Laatst waren ze in de Tweede Kamer reuze trots op een potje van 100 miljoen om kinderen een extraatje te gunnen.  Dat schiet dan budgettair ‘over’. De armen als sluitpost op de balans. Als dát niet genoeg zegt over de benadering van armoede…

Dautzenberg

Ik weet oprecht niet of linkse politici wel of niet wakker liggen. En ik wil niet nodeloos cynisch zijn. Wat ik op de spreekuren van onze Quiet-community hoe dan ook waarneem, is dat armoede vooral in gezinnen heftige vormen aanneemt. Als je arm bent en je moet kinderen opvoeden, is dat een haast onmogelijke opgave. En wat het extra ingewikkeld maakt, en dramatisch, is dat juist gezinnen zichzelf trainen om naar buiten toe zo weinig mogelijk te laten merken. Zij zijn ontzettend goed in het nét doen alsof alles wél goed gaat. Totdat de winter invalt en er, bijvoorbeeld, geen geld is voor een winterjas. Dan vraagt de juf of de meester waarom dat kind niet wat dikkers aantrekt en komt de aap, als je aandringt, eindelijk uit de mouw.

Embrechts

Het is dus niet zo gek dat sommigen, ook linkse politici, menen dat armoede in Nederland niet bestaat.  Arme mensen zijn daar deels ‘schuldig’ aan, omdat ze hun ellende zorgvuldig verbergen. Wij hopen die schaamte, met dit project, juist te verminderen.

Jullie gebruiken rond de Quiet 500 de term ‘armoedeverzachting’. Lezen we daarin dat armoede ook volgens jullie niet te bestrijden is, maar enkel te verzachten?  

Embrechts

‘Armoedeverzachting’ vind ik een veel betere term dan ‘armoedebestrijding’. Kijk, ongedierte bestrijd je. Je bestelt een mannetje met een chemisch pak aan en een dag later ben je van je ongedierte af. Met armoede kan dat helemaal niet. Daar is een langere, structurele, humane inspanning voor nodig.

Dautzenberg

En wil je die inspanning van de grond krijgen, dan heb je daar ouderwets klinkende waarden als ‘empathie’ en ‘solidariteit’ voor nodig. In het herstellen van die waarden zit  ook de kracht van het blad. We brengen miljonairs uit de Quote 500 via onze glossy in contact met de stille armen. En niet zelden is hun reactie: ‘Hé, ik dacht dat het losers waren. Maar die armen zijn mensen als jij en ik.’ Met als resultaat dat een aantal miljonairs onze Quiet-community nu financieel ondersteunen. En andere steden mogelijk het voorbeeld van onze community, hier in Tilburg, gaan overnemen.

Wat is precies die Quiet-community ?

Embrechts

Simpel gezegd is de Quiet-community een martkplaats zonder geld. Mensen in een armoedesituatie kunnen een Quiet-pas krijgen. Met deze pas komen ze in aanmerking voor allerlei goederen en diensten. Deze komen van particulieren en van het bedrijfsleven, maar ook van de Quiet-members zelf. Op deze manier werkt iedereen mee aan armoedeverzachting, ook de arme mensen zelf. Mensen die gebruik maken van de pas kunnen anoniem blijven en hoeven geen verantwoording af te leggen. Het doel van dit alles is mensen een uitweg te bieden uit financieel, sociaal en psychisch isolement.

Dautzenberg

Als ik zie wat voor plezier mensen erin hebben, via de Quiet-community, iets te kunnen geven, en anderen om iets te mogen ontvangen, dan word ik daar, eerlijk gezegd, zelf ook enthousiast van. De behoefte om ‘gezien te worden’, niet als groep, maar als individu, is enorm. Vandaar dat we in de Quiet-community mensen koppelen op kleinschalig niveau. En dat we ons niet bemoeien met Quiet-communities die in andere steden wortel schieten, want dat kan alleen slagen met de kracht en kennis van lokale vrijwilligers dáár.      

Alles wat jullie aan ‘armoedeverzachting’ voor elkaar krijgen, is een geschenk voor de overheid. Die hebben dan één hoofdpijndossier minder. Of is die redenering té cynisch?

Dautzenberg

Hoe succesvoller we zijn met het blad en de community, hoe meer Nederlanders oog zullen krijgen voor wat er om de hoek aan armoede aan de hand is. Misschien klinkt dit naïef: maar door nu uit te komen, een half jaar voor de verkiezingen, hopen we dat armoede nóg prominenter op de politieke agenda komt te staan. En partijen, van links tot rechts, gedwongen worden na te denken over wat ze eraan willen doen. En óf ze er iets aan willen doen. Waarna ze, in het ideale geval, door de kiezers worden afgerekend op hun voorgenomen armoedebeleid.

En wat is dan, vanuit jullie betrokkenheid bij dit vraagstuk, het best mogelijke armoedebeleid?

Embrechts

In Scandinavië wordt een beleid gevoerd dat de armoede niet opheft, maar wel tot veel lagere niveaus beperkt houdt. Men investeert er structureel meer in algemene basisvoorzieningen, die gratis en dus voor iedereen toegankelijk zijn: kinderopvang, onderwijs, gezondheidszorg. Zo’n benadering zou een hoop ten goede kunnen keren. Maar wat doen wij in Nederland? Zoals gezegd, het kabinet zoekt naar restjes geld om ‘nog wat voor de sociaal zwakkeren te doen’.   

Dautzenberg

Met de aantekening dat je van Nederland niet één, twee, drie een Scandinavisch land kan maken. Dat begrijpen wij ook. Niet alleen zijn landen als Zweden en Noorwegen veel dunner bevolkt, waardoor mensen makkelijker zijn op te sporen en het gevaar van anoniem wegzakken kleiner is. De overheden zijn ook minder geld kwijt aan, bijvoorbeeld, defensie, omdat ze zich militair veel meer afzijdig kunnen houden. Dat komt door hun ligging en de manier waarop ze uit de Tweede Wereldoorlog zijn gekomen. In Nederland bestaat er nog altijd een onuitgesproken ‘plicht’ binnen de NAVO, richting de Amerikanen, omdat zij ons na de oorlog uit de stront hebben getrokken met de Marshall-hulp. Die loyaliteit kost geld, dat je maar één keer kan uitgeven. Bovendien willen wij als klein land militair nog steeds een rol spelen op het wereldtoneel. Ik zeg niet dat elke euro voor de JSF mensen armer maakt,dat zou té kort door de bocht zijn. Maar het is wél een politieke keuze die het budget voor armoedebeleid, en ook voor cultuur, mogelijk negatief beïnvloedt.     

Tot slot. Eigenlijk is er nog steeds geen antwoord op de kernvraag. En die luidt dat links en progressief Nederland – grofweg vijftig procent van het electoraat – kennelijk weinig moeite heeft met de armoedesituatie in Nederland. En dat een initiatief als “Quiet 500’ nodig is om ze met de neus op de feiten te drukken. Hoe kon het zover komen?

Dautzenberg

Zeg ik iets nieuws als ik constateer dat Nederland de afgelopen decennia Amerikaanser is geworden? En dat het liberalisme verder terrein heeft gewonnen, ook bij links? En dat de vanzelfsprekendheid van een uitkering verdwenen is? Het dominante idee van nú is afgunstig van aard, en luidt dat uitkeringen gratis in de zakken van uitkeringsgerechtigden verdwijnen. Hoezo gratis? Dat is liberale onzin. Bijna alles vliegt er bij die mensen meteen weer uit: aan huur, verzekeringen, energielasten. Als je een uitkering hebt, beheersen de instanties je leven. Dat is geen Luilekkerland, zoals de VVD suggereert. Nee, het is de overleefstand. Je crepeert nét niet. Links stelt dat beeld, uit angst voor de kiezer, niet meer bij. En zolang dit misverstand voortleeft, ben ik somber over het draagvlak voor een ruimhartiger armoedebeleid.

Rubriek Het feest van de praktijk

Hans van Willigenburg

Hans van Willigenburg is een veelvraat. In 1989 debuteerde hij, na een studie literatuurwetenschap, als columnist bij De Volkskrant tussen 'kanonnen' als Remco Campert en Jan Blokk...

Bekijk profiel