Junkie op de Heemraadssingel

2-5-2014 12:11

Door Rob van Olm

     

    Met een pak vla aan zijn mond en een plastic tasje in de hand loopt hij me op de Heemraadssingel tegemoet, een junkie die Arjan Ederveen nadoet. Na zijn maaltijd gooit hij het pak vla op de grond.

      Ze moesten die acties stoppen waarin je als burger wordt aangespoord je in te zetten voor een leefbare samenleving. Want daar sta je dan, de beelden op je netvlies, die stem in je oor, terwijl de hoofdrolspeler doorloopt.      

      ‘Hé,’ roep ik hem na, die hartklop is van mijzelf. ‘Wil je dat pak vla in de papierbak gooien.’

      Hij staart me aan, verbaasd, en kijkt naar het pak dat tussen ons ligt. Krijgen burgers die moed hebben getoond, zoals ik, een speciale behandeling in het ziekenhuis? Bezoeken de bedenkers van deze maatschappelijke actie mij, bij wijze van troost?

     De junkie komt op mij af. Ik besluit me te verdedigen, misschien wat laat. Hij bukt zich en raapt het pak vla op.

     ‘Neem me niet kwalijk,’ zegt hij. Verbaasd zie ik hoe hij het voorwerp in de volle papierbak propt.        

     ‘Een pak vla op de grond, zwerft 90 jaar rond,’ citeer ik opgelucht de ludieke inval van een of andere reclamejongen.           

      ‘Ik ben het niet meer gewend,’ antwoordt hij met luide stem. ‘Dat komt, ik heb net twee jaar in de gevangenis gezeten.’   

     ‘Dat is lang,’ zeg ik, alsof ik jarenlang in de geestelijke gezondheidszorg werk. Ik geef een klap op zijn schouder, wat ik overdreven van mezelf vind. ‘Ik vind het tof van je dat je het pak hebt opgeraapt,’ zeg ik.

     ‘Ik had iemand neergestoken,’ roept hij me na, ter verklaring van zijn verblijf in de gevangenis.

     Ik hef mijn arm, bij wijze van groet. Alsof ik ruimhartig zeggen wil: 'Moet kunnen.'

     Hoewel de haringkraam op het Heemraadsplein ook dit jaar buiten de prijzen is gevallen beweren de omstanders, de harde kern, dat dit toch de beste haring is. Omdat ik minder ruggengraat heb dan de haring op mijn broodje, een mens kan zich niet de hele dag heldhaftig gedragen, jubel ik luidruchtig mee.

     Het zonnetje schijnt. Het wordt tijd voor een sigaret vindt de haringvrouwe. Ze wast haar handen en zet zich krakend op een houten stoeltje. Het sigaretje smaakt haar zichtbaar, maar vormt de aanleiding voor een dubieus betoog. Ja, ze rookt weliswaar veel, maar is het niet zo dat gerookte paling niet bederft? Nou dan.

     ‘Mijn moeder is er negentig door geworden.’

      Ik haak af, wat voor een haringeter nooit onverstandig is. Op dat moment passeert de junkie de kraam en hij groet me met een luide, maar beleefde groet: ‘Dag mijnheer.’

     Iedereen kijkt me aan. Waarom groet deze junk mij zo respectvol? staat op hun gezichten te lezen. Ik zie dat ze hun hersens pijnigen om mij te plaatsen.

     Ik moet wel een bijzondere man zijn, anders doet zo’n junk dat niet. Triomfantelijk groet ik de haringeters.

      Lang geleden dat iemand mij zo’n goed gevoel heeft gegeven.

Rubriek Toerist in eigen stad

Rob van Olm

De Rotterdamse schrijver en onderzoeksjournalist Rob van Olm (1947) publiceerde romans en journalistieke boeken, zoals 'Verloren dagen', een roman over de Spaanse burgeroorlog, en ...

Bekijk profiel