Rotterdam bestrijdt de armoedebestrijding

23-1-2015 12:36

Door Hans van Willigenburg

In Rotterdam lijkt het armoedevraagstuk volledig klem te zitten in een ouderwetse en emotionele botsing tussen links en rechts. Het heeft er alle schijn van dat je óf menslievend en beschaafd bent en pleit voor het in stand houden van voorzieningen uit de 20-ste eeuwse welvaartsstaat óf een harteloze vrek, die zoveel mogelijk controleurs op de armen af wil sturen en ze bij fraude streng wil straffen. Het vervelende van die morele scherpslijperij is dat geen mens er minder arm door wordt. Dan wel zijn of haar kans vergroot om uit de armoede te komen. Tijd om misverstanden uit de weg te ruimen en de ‘Derde Weg’ in te slaan!  

 

Het klinkt raar, maar Rotterdam is vooral gespecialiseerd in het bestrijden van het bestrijden van armoede. Om te beginnen wordt er vanuit de subsidiesector vrijwel permanent om geld gebedeld, waarbij links dat geld nog steeds op traditionele wijze wil inzetten om de gevolgen van de armoede te verzachten (en verzachten is iets heel anders dan het bestrijden van armoede, misschien zelfs het tegenovergestelde ervan). Rechts, ondertussen, wil onverminderd blijven investeren in controleapparaten, die een doelgroep op de huid moeten zitten, de armen, die toch al te maken heeft met een overdosis stress en schulden. Je hoeft geen hogere wiskunde gestudeerd te hebben om te begrijpen dat ruzie tussen beide kampen leuk is voor het debat, maar heel weinig oplevert voor Rotterdamse armen. Beide benaderingen zeggen namelijk vooral veel over de intenties van de vermeende armoedebestrijders en, helaas, heel weinig over de effectiviteit van hun gedachtegoed.

 

Knop omzetten

Eén ding staat vast: noch de linkse noch de rechtse benadering durft uit te gaan van de behoeften en vaardigheden van arme Rotterdammers zelf. Zowel links als rechts behandelt de doelgroep als een uniform ‘probleem’, als onkundig en onmondig. Grote vraag: hoe kunnen we ‘de knop’ bij bestuurders, beleidsmakers en hulpverleners omzetten, zodat ze in resultaten gaan denken (minder armoede!) in plaats van knusse debatten en overbodige geldstromen?

 

Laten we, om het overzichtelijk te maken, eens een drietal misverstanden benoemen, die vooruitgang bij het armoedevraagstuk in de weg zitten. En laten we, als opkikker, aan het slot van het misverstand meteen een alternatief aandragen ter inspiratie.

 

Misverstand1                                                                                                                   Armoede is met beleid vanuit de vergaderzaal te bestrijden

 

Armoedebeleid is geen puzzel, waarbij na veel vergaderuren de stukjes in elkaar vallen, de armoede via nota’s en budgetverdelingen ‘buitenspel wordt gezet’ en het slechts wachten is tot het aantal armen zal afnemen of tot nul zal teruglopen. Houd op met puzzels. Er is er geen één die werkt.

 

Alternatief1                                                                                                                         Kom uit de vergaderzaal                                                                                                                                         

Ga zelf in de kwetsbare wijken kijken hoe vruchtbaar de voedingsbodem voor armoede nog steeds is (conflicten, vertrouwensgebrek, geweld, laaggeletterdheid, etcetera) en vraag je af waar die voedingsbodem effectief kan worden bestreden. Antwoord? Niet in de vergaderzaal. Maar in de wijken zelf, dichtbij de mensen.

 

Misverstand2

Om armoede te bestrijden moet je een goed mens zijn

 

Mensen willen helpen is een goede, lovenswaardige eigenschap, maar dient niet verward te worden met het vermogen mensen (armen) daadwerkelijk te helpen. Daarvoor zijn vooral kennis nodig en bepaalde karaktereigenschappen (waaronder geduld en doorzettingsvermogen) die ‘moreel neutraal’ zijn. Effectieve armoedebestrijding vertoont meer gelijkenissen met een bedrijf dat goed marcheert, klantvriendelijk is en jaarlijks met man en macht bepaalde bedrijfsresultaten probeert te boeken, dan met een welzijnsproject waarbij mensen elkaar bij de koffie vertellen hoe goed en nuttig ze bezig zijn voor de armen.

 

Alternatief2                                                                                                                                  Maak je los van de begrippen ‘goed’ en ‘fout’.

 

Morele oordelen staan effectief optreden vaak in de weg. Je kunt wel zeggen of vinden dat iemand er slechte gewoonten op na houdt en je mag dat gedrag, zo nodig, ook wel corrigeren. Maar als je werkelijk effectief wilt optreden doe je een stapje terug, stel je de ‘moreel neutrale’ vraag waar dat gedrag vandaan komt en probeer je dáár iets aan te veranderen.

 

Misverstand3 

‘Ik ben niet arm en jij wel.’

 

Armoede is onder alle omstandigheden een relatief begrip. Iemand kan financieel arm zijn, maar geestelijk rijk. Of andersom. Daarom is paternalisme zo funest voor effectieve armoedebestrijding: als je er van uitgaat zelf helemaal niet arm te zijn, op geen enkel vlak, dan is de kans klein dat je daadwerkelijk in gesprek gaat met iemand die je, in tegenstelling tot jezelf, wél als arm beschouwt. Dan laat je voor jezelf weinig ruimte over om diegene vooruit te helpen.

 

Alternatief3                                                                                                                                  Erken je eigen armoede                                                                                                                                                          

Erken dat je zelf ook arm bent (in tijd, in bepaalde  vaardigheden, in geduld, in de fijne kneepjes van straattaal, in wat dan ook). Dan is de kans groot dat je een wederkerige relatie krijgt met iemand die (financieel) arm is: zo iemand zal veel gretiger iets van jou leren als je zo zichtbaar mogelijk ook iets van hem of haar leert. Dus? Erken je eigen armoede. Het maakt je alleen maar sterker.

 

Zolang we in Rotterdam in boven genoemde misverstanden blijven hangen, zal de ‘Derde Weg’ niet van de grond komen en blijven we steken in geld verspillend en resultaatloos armoedebeleid.

 

In de volgende aflevering van deze serie schetsen we de contouren van die ‘Derde Weg’. 

 

Afbeelding / www.terrasentuingereedschap.nl

Rubriek Het feest van de praktijk

Hans van Willigenburg

Hans van Willigenburg is een veelvraat. In 1989 debuteerde hij, na een studie literatuurwetenschap, als columnist bij De Volkskrant tussen 'kanonnen' als Remco Campert en Jan Blokk...

Bekijk profiel